Tekstgrootte  [-][+]
Jaarverslag 2016
Tarieven voor het Loodswezen vastgesteld

Tarieven voor het Loodswezen vastgesteld

Loodsen hebben een monopolie in de Nederlandse zeehavens. De ACM is op grond van de Loodsenwet belast met het toezicht op de loodsgeldtarieven. Ons toezicht zorgt ervoor dat klanten van loodsen (de rederijen) niet teveel betalen voor het inhuren van een loods.

Lichte stijging van loodsgeldtarieven in 2017

De ACM stelt jaarlijks de loodsgeldtarieven vast. In 2016 hebben we de loodsgeldtarieven beoordeeld en vastgesteld voor 2017. De tarieven die de loodsen in rekening brengen om schepen de haven in en uit te leiden stijgen licht in 2017 ten opzichte van 2016 met 1,42%. De tariefbesluiten gelden voor de 6 Nederlandse zeehavenregio's: Delfzijl/Eemshaven, Harlingen/Terschelling, Den Helder, Amsterdam-IJmond, Rotterdam-Rijnmond en Scheldemonden. De ACM beoordeelt daarvoor het voorstel dat de Nederlandse Loodsencorporatie indient. De ACM mag afwijken van het voorstel als zij vindt dat dit voorstel er niet voor zorgt dat loodsen efficiënt werken of als sprake is van bijzondere omstandigheden. Redenen van de tariefstijging zijn onder andere de afname van het aantal loodsreizen en gepland groot onderhoud aan de loodsschepen.

De ACM stelde in 2016 ook de tarieven vast voor de overige diensten en taken die aan het Loodswezen zijn opgedragen, zoals voor het verstrekken van gegevens uit het loodsenregister.

Lagere vergoeding voor vermogenskosten Loodswezen 2017-2019

In december 2016 heeft de ACM de vergoeding voor de vermogenskosten van het Loodswezen 2017-2019 vastgesteld op 6,3%. Met het vaststellen van dit percentage bepaalt de ACM het bedrag aan vermogenskosten dat de loodsen in hun tarieven mogen verwerken. De ACM had eerder dit jaar het percentage vastgesteld op 6%, echter de vergoeding is gewijzigd na een bezwaar van het Loodswezen over een onvolkomenheid in de berekening. De vergoeding valt nu lager uit dan de vergoeding van 7,8% die het Loodswezen in de periode 2014-2016 mocht hanteren. Dit komt onder andere door een lagere rentestand.