Tekstgrootte  [-][+]
Jaarverslag 2017
Nevenactiviteiten netwerkbedrijven

Nevenactiviteiten netwerkbedrijven

Een netbeheerder is verantwoordelijk voor de aanleg en het onderhoud van het energienetwerk. Per regio is er één netbeheerder. In de Elektriciteitswet en in de Gaswet is een verbod op nevenactiviteiten opgenomen voor netwerkbedrijven. Dat zijn bedrijven waar een netbeheerder deel van uitmaakt. Dit verbod houdt kort gezegd in dat het netwerkbedrijf geen (commerciële) activiteiten mag uitoefenen die (mogelijk) strijdig zijn met het belang van het beheer van het net. Daarnaast bevatten de Elektriciteitswet en de Gaswet een zogeheten groepsverbod. Op basis van dit verbod mag een netbeheerder geen onderdeel uitmaken van een groep ondernemingen die ook energie levert, produceert of verhandelt.

Volgens Essent (voorheen RWE) overtrad een aantal dochterbedrijven van Alliander deze 2 verboden en is er daardoor sprake van oneerlijke concurrentie. Deze dochterondernemingen houden zich kort gezegd bezig met nevenactiviteiten op het terrein van duurzame energie. Essent heeft in 2015 een handhavingsverzoek ingediend. De ACM heeft dit verzoek afgewezen.

Beoordelingskader nevenactiviteiten

Essent en Nuon hadden in (rechtstreeks) beroep aangevoerd dat de ACM een veel restrictiever beoordelingskader had moeten toepassen. Beide partijen wezen ter onderbouwing nadrukkelijk op de zogeheten Splitsingsarresten, waarin bevestigd wordt dat de wet een splitsing tussen netbeheer en overige activiteiten mag eisen. Volgens beide partijen zouden netwerkbedrijven als Alliander alleen nevenactiviteiten mogen ontplooien onder zeer strikte voorwaarden. Zo zouden alleen strikt infrastructureel gerelateerde activiteiten daaronder vallen.

De rechtbank gaat niet mee met het standpunt van partijen. De rechtbank is met de ACM van oordeel dat uit de Splitsingsarresten niet kan worden afgeleid dat de Hoge Raad met energievreemde activiteiten zou hebben bedoeld dat de activiteiten van het netwerkbedrijf geen raakvlak met energie-infrastructuur mogen hebben. De rechtbank bevestigt daarnaast dat de wetgever geen restrictieve opsomming heeft beoogd van toegestane nevenactiviteiten voor netwerkbedrijven.

Geen strijd met het groepsverbod of verbod op nevenactiviteiten

De rechtbank overweegt, in lijn met het besluit van de ACM, dat de activiteiten van de dochterondernemingen voldoende verwant zijn aan netbeheer. De rechtbank verwijst hierbij er ook naar dat activiteiten die bijdragen aan een betrouwbare, duurzame energiehuishouding toelaatbare aanverwante activiteiten zijn. Ook ziet de rechtbank geen strijd met het belang van het netbeheer.

Uitspraak rechtbank Rotterdam nevenactiviteiten netwerkbedrijven